zaterdag 26 december 2009

Solidair met sapjes dag 6

Wanneer Sam, Siska en Sofie hun Glazen Huis verlaten, stopt het ook voor ons, om 17u dus.

Na het kleine dipje van dinsdag ben ik klaar voor de laatste loodjes. Waarom ik het moeilijk had: mijn focus lag teveel op de sapjes zelf. Rudy's methode is veel efficiënter, neus dichtknijpen en achterover gieten. Nochtans had ik het zelf al aangegeven in een vorige blog: het zit tussen de oren. Toch liet ik mij nog vangen.

Helemaal in kerststemming, kan niets mij nu nog uit mijn concentratie brengen, want de meet is in zicht. Als ik in de verleiding kom, dan denk ik gewoon aan het kerstdiner dat op mij staat te wachten.

Op het menu van de laatste dag, baart een sapje me zorgen: de Total Cleanser. Ingrediënten: selder, komkommer, sinaasappelsap en limoen. Klinkt als het ultieme drankje na een sapkuur van zes dagen, de climax.

Na zes dagen kan ik zeggen dat het best mogelijk een week op sapjes te leven, af en toe een hongergevoel niet meegerekend. Wel is het zo dat we geen extreem zware inspanningen gedaan hebben. Een bouwvakker of dokwerker bijvoorbeeld komen waarschijnlijk niet toe met vier sapjes van een halve liter per dag. Het is relatief dus.

Solidair met sapjes dag 5

Gisteren zag ik het nog helemaal zitten. Vanaf nu konden we aftellen en die sapjes, die waren toch best lekker, een enkele uitzondering er op na. Vandaag was echter een onverwacht moeilijke dag.

Nochtans stap ik ook deze morgen nog met volle moed naar het Shoppingcenter Zuid om onze dagelijkse lading sapjes af te halen. Ronkende namen zoals Flu Buster en Turbo Charge klinken veelbelovend. De ontnuchtering komt er al bij het zien van de sapjes. De Flu Buster ziet er uit alsof, dixit collega Dieter, 'het al eens gedronken is'. Smakelijk!

De Turbo Charge heeft op zich dan wel een fris groen kleurtje, maar de ingrediënten waaraan dat te danken is, liggen mij niet: komkommer en, in mindere mate, selder. Komkommer in een zomers slaatje, geen probleem, maar om het in een sapje te mixen, met, schrik niet, appelsap, ananas, limoen en selder, neen dank je. Na dag vijf kan ik met zekerheid zeggen dat de sapjes met groenten niet voor mij zijn weggelegd.

In een Studio Brussel filmpje zie ik hoe Claudia Allemeersch, de Beste Hobbykok van Vlaanderen, in het Glazen Huis een zoet en origineel sapje brouwt voor Sofie, want 'al die zure sapjes van de voorbije dagen, dat moet toch op je maag branden', klinkt Claudia bezorgd. Inderdaad, de ietwat zuurdere drankjes zijn meestal wel van de lekkerste, maar om er in een keer een halve liter van te drinken. De beste hobbykok mixt banaan, honing en dadels. Sofie ziet dat het goed is. Ik nip nog even aan mijn groene Turbo Charge met komkommer.

Twee sapjes die ik niet lust dus, dat lijkt een probleem te worden. De Tropical Tango, het lekkerste drankje van de dag, heb ik al binnen. De orange raspberry, die rantsoeneer ik tot vanavond. In de loop van de dag krijg ik wel honger, maar ik krijg die Turbo Charge en Flu Buster niet naar binnen. Ik heb geen zin meer in de sapjes. Gelukkig brengt Rudy redding. Hij ziet hoe ik wat sipjes naar mijn serie sapjes zit te kijken en stelt een ruil voor. Een Flu Buster voor een Tropical Tango, deal.

dinsdag 22 december 2009

Solidair met sapjes dag 4

Ervaringsdeskundige als het op sapjes aankomt, is Tomas De Soete. Tijdens de eerste drie Music For Life jaren zat hij telkens in het Glazen Huis. Afgelopen zaterdag bij de start van de actie 'Doe niets voor het goede doel', maakte ik van de gelegenheid gebruik om Tomas om raad te vragen.

Tomas gaf mij volgende tip mee: 'Zorg voor afwisseling. Drink niet enkel sapjes op basis van sinaasappel en citroen of limoen. Anders kan ik je garanderen, daar krijg je het wild, rondslingerend apenzuur van. Drink dus ook eens wat andere combinaties.’

De eerste dagen zaten er inderdaad veel sapjes met een nogal zuur smaakje tussen, maar vandaag is dat niet het geval. De Pink Panther, Melon Berry en Banana Split zijn eerder zacht smakende brouwsels.

‘Mag ik ook eens naar je stoelgang informeren?’, vraagt Tomas oprecht geïnteresseerd. ‘Alles nog dik in orde’, antwoord ik. Mijn eerste gesprekje met Tomas De Soete had ik mij anders voorgesteld, maar bon. Het kan misschien nog van pas komen, alle raad is welkom. ‘Met mijn stoelgang heb ik geen problemen gehad’, gaat Tomas onverstoord verder. ‘Ik had dan ook preventief iets tegen de diarree genomen, maar dat bleek niet nodig.’

Met de stoelgang nog altijd alles normaal na vier dagen, maar ik moet heel vaak plassen. Komt daar nog bij dat ik, geloof het of niet, dorst heb van al die fruitsapjes. Dat betekent water drinken en nog meer toiletbezoekjes.

‘De eerste dag vond ik het lastigst', zei Tomas ook nog. Daarna viel het allemaal wel mee.' Na dag vier kan ik dat beamen. De gewenning treedt op. Zelfs al heb ik op dit eigenste moment honger, ik heb er niet echt last van. Het drinken van de sapjes is ook een automatisme geworden. Niet te veel nadenken, gewoon binnengieten.

Toegegeven, dat ik nu honger heb, ligt voor een deel aan mezelf, maar dat sapje met wortel en selder krijg ik echt niet binnen. Vandaag dus maar drie drankjes gedronken. Het laatste, een lekkere Pink Panther, spaar ik op tot kort voor het slapengaan, dan hoef ik tenminste niet met een knorrende maag naar bed. Heb vooral geen medelijden, we hebben hier zelf voor gekozen.

maandag 21 december 2009

Solidair met sapjes dag 3

Oliebollen, glühwein, soep en wulloks. Dat kreeg ik vandaag allemaal aangeboden om te eten. In normale omstandigheden en bij dit weer, was ik er met veel plezier op in gegaan.

Dat is het voordeel van opgesloten te zitten in een Glazen Huis. Je wordt niet blootgesteld aan allerlei eetgeuren. In vrijheid is de verleiding groot. Is er nog een plaatsje vrij, Sam, Siska en Sofie?

Toch viel deze derde dag goed mee. We zijn gewoon geworden aan onze vloeibare voeding. Iets kauwen, dat gevoel kennen we niet meer. Op de redactie van De Gentenaar stapelen de lege flesjes zich op. Uitgestald is misschien een beter woord, als ware het een trofeeënkast.

Het een hele week volhouden, het zit toch tussen de oren volgens mij. Met vier sapjes per dag is het best mogelijk om de week door te komen, ondanks een klein hongergevoel af en toe. Het moeilijkste is om te weerstaan aan de verleiding. 'Wil je geen oliebol? Er is toch niemand die het ziet.' Ondertussen heb ik in mijn hoofd een lijstje aangelegd met wat ik graag wil eten eens het voorbij is. Nog meer dan anders kijk ik uit naar Kerstavond en Kerstdag.

Voorlopige favoriet onder de sapjes is voor mij Breakfast to Go, het fruitpapsapje, deze keer met een vitamin C boost. Ja, er wordt goed voor ons gezorgd. We krijgen zeker de nodige vitamines binnen. Het effect van drie dagen sapjes? Toch wat honger, af en toe, en mijn nieren doen overuren. Als dat zo doorgaat dan zal deze sapjeskuur inderdaad een zuiverend effect hebben.

zondag 20 december 2009

Solidair met sapjes dag 2

Burgemeester Daniël Termont liet bij de officiële start van Music For Life weten aan Roos Van Acker dat hij een sapjesdieet niet zou aankunnen: 'Ik heb bewondering voor de Glazen Huisbewoners. Ik zou het niet willen doen. Daar eet en drink ik veel te graag voor, zoals u wel aan mij kunt zien.' Daar laten wij ons niet door afschrikken.

Mijn dag begon met een reportage op het Sint-Jacobsplein. Ijskoud was het buiten, zeker min vijf graden Celsius. Terwijl we door de Veldstraat stapten, kwam de geur van versbereide soep ons tegemoet. Ondertussen al verkleumd van de kou, besliste ik om iets steviger door te stappen, daar krijg je het ook warm van.

Voordeel van het sapjesmenu is dat er geen tijd verloren gaat aan maaltijden bereiden en opeten. We kunnen gewoon van achter ons computerscherm sapjes slurpen. Zo ben ik nu een Banana Split aan het verorberen. Terwijl Rudy de sapjes in een paar slokken naar binnen werkt, doe ik er toch net iets langer over. Vooral de iets zuurdere sapjes gaan moeilijker binnen. Gisteren was de Breakfast to go wel mijn absolute favoriet. Rudy en ik waren het erover eens, dit smaakt naar fruitpap. Voor mij toch een moment van nostalgie. Benieuwd wanneer die nostalgie plaats ruimt voor honger en de bijhorende frustraties.

Wat ik op voorhand al wist en al bevestigd kreeg tijdens mijn eerste sapjesuren: overal word je met eten geconfronteerd. Mijn ouders brachten vandaag een bezoekje aan mijn kot, om de vuile was mee te nemen. 'Ga je vanmiddag mee iets eten?, vraagt mijn vader. Zaterdagavond tijdens Quiz For Life in Flanders Expo was ik op een bepaald moment omgeven door pizza-etende Stubru medewerkers.Het belooft nog een lange week te worden.

Solidair met sapjes

Vlak voor Kerstmis en Nieuwjaar is het ideale moment om eens over de haag te kijken, iets verder dan ons eigen land. Daarom organiseert Studio Brussel nu al voor het vierde jaar op rij Music For Life, de actie die geld inzamelt voor een stille ramp, dit jaar malaria in Burundi. In deze tijden van overvloed - uitgebreide kerstdiners, stapels pakjes onder de kerstboom, decadentie op oudejaarsavond - tonen ze zich solidair met de mensen die het met minder moeten stellen. Dit doen ze door de hele Music For Life week alle vaste voeding af te zweren en enkel sapjes te drinken.

Lijkt me wel een zware opgave. Zouden ze niet stiekem zitten eten wanneer ze niet presenteren? Mijn collega bij De Gentenaar Rudy Tollenaere en ik wilden zelf eens aan den lijve ondervinden wat zo'n sapjesdieet met een mens doet. Uit nieuwsgierigheid, maar ook uit solidariteit met alle Burundezen.

De sapjes voor Studio Brussel en voor Rudy en mij worden gemaakt in een sapjesbar in het shoppingcenter Zuid in Gent. Elke dag drinken we vier sapjes van een halve liter. Alle fruit en groenten die erin verwerkt zitten zijn supervers. Het ene drankje is al wat dikker, het andere al wat lekkerder. Vandaag zijn we onze derde dag ingegaan en ik kan niet ontkennen dat ik al honger gehad heb, maar het is niet ondraaglijk. De sapjes vullen wel en vier per dag is echt genoeg. Het moeilijkste is geconfronteerd worden met eten. Aangezien wij niet opgesloten zitten in het Glazen Huis, zien wij overal rondom ons mensen eten. Met de vrieskou van de voorbije dagen zou een soepje er best wel ingaan.

donderdag 5 november 2009

To blog or not to blog?

Ene Andrew Sullivan schreef in 2008 een lange tekst over bloggen: "Why I Blog". Ik word geacht om die te lezen en er vervolgens iets over te schrijven.

Acht bladzijden versgedrukt papier lachen mij toe. Ik besluit om de man eerst door google te halen, kwestie van goed voorbereid aan het lezen te beginnen.

Goed gestoffeerde pagina op wikipedia. "Sullivan is known for his distinctive personal-political identity. He is gay, conservative and a Roman Catholic." Faut le faire. Vooral politieke onderwerpen houden hem bezig.

Ik kom uiteindelijk terecht op zijn blog, die "The Daily Dish" heet. Stevige dagschotel, zo blijkt. Mijn oog valt op een van de 57 (!) berichten die hij op 30 oktober heeft geplaatst. President Obama heeft vorige week beslist dat seropositieve buitenlanders terug welkom zijn in de VS. Een inreisverbod voor HIV-patiënten bestond al sinds 1987, maar werd nu dus opgeheven. Sullivan is zelf seropositief en Obama's besluit zal zijn leven een stuk eenvoudiger maken. Hij getuigt op zijn blog:
For me, it is the end of 16 years of profound insecurity. Like many others, my application for permanent residence and citizenship can go forward. And I will be able to see my family again in England and know that my HIV will not force me to choose between my husband and the country I have come to call my home. There is no price to be put on that.
Met dit bericht illustreert Andrew Sullivan alvast een belangrijk verschil tussen bloggen en klassieke journalistiek. Het eerste is veel persoonlijker. De aanslagen in New York, het uitbreken van de oorlog in Irak en de dood van de paus, Sullivan heeft elk van deze historische momenten in real time meegemaakt op zijn blog.  Hij voegt daaraan toe dat "there is simply no way to write about them in real time without revealing a huge amount about yourself". Die persoonlijke touch biedt volgens mij een belangrijke meerwaarde.

Een nieuwsfeit kan een aanleiding zijn voor bloggers om hun mening te ventileren, in discussie te gaan of een persoonlijk inzicht te delen. Denk bijvoorbeeld aan Iraanse bloggers en microbloggers die de toestand in hun land online met elkaar bespreken. Ook Sullivans ontroerende getuigenis gaat  verder dan een droog nieuwsbericht over Obama's beslissing. In een uitzonderlijk geval maakt een blogger ook zélf nieuws, zoals toen een Nederlandse blogster een Belgische minister over de vloer kreeg in een café in New York. Een brede waaier aan opinies, debatten en getuigenissen wordt dankzij de blogs erg bereikbaar voor iedereen met een internetaansluiting. Dat is een fantastisch verrijking.

Als lezer moet je natuurlijk wel zelf de weg zien te vinden naar de juiste blog. Het zijn de bloggers zelf die ons daarbij helpen, door naar elkaar te linken. Autoriteiten in de blogwereld komen bovendrijven omdat hun collega's daarvoor zorgen. "The reason this open-source market of thinking and writing has such potential is that the always adjusting and evolving collective mind can rapidly filter out bad arguments and bad ideas." Dat heeft Sullivan goed gezien.

dinsdag 3 november 2009

Leve de vrijheid van de lezer

De Britse auteur Andrew Sullivan wordt vaak gezien als een pionier in de politieke weblog journalistiek. In november 2008 schreef hij een essay over bloggen in het tijdschrijft The Atlantic: Why I blog. Iets in de zin van "Moeder waarom bloggen wij, waarom blog ik?"

Waar Andrew Sullivans essay mij deed bij stilstaan, was hoe revolutionair de opkomst van het bloggen wel geweest is, toch vooral in de ogen van zij die wanhopig verlangen naar de publicatie van hun schrijfsels. Zoals Sullivan zelf aangeeft: “Every writer since the printing press has longed for a means to publish himself and reach—instantly—any reader on Earth. Every professional writer has paid some dues waiting for an editor’s nod, or enduring a publisher’s incompetence, or being ground to literary dust by a legion of fact-checkers and copy editors. […] But with one click of the Publish Now button, all these troubles evaporated.” Bloggen betekent vrijheid voor schrijvers. Gelukkig is er ook een grote vrijheid voor de lezer, denk ik dan.

Want zou het in sommige gevallen niet veel beter zijn dat bepaalde stukken eerst door een selectiemachine moeten? Eerst en vooral omdat een blogpost een “spontaneous expression of instant thought” is. Voor je het weet, heb je in een opwelling een stuk gepost, dat je al zou willen wissen van zodra je op de ‘Publish Now button’ geklikt hebt.

Ook de kwaliteit van veel blogs laat te wensen over. Tegenwoordig moet je over alles en iedereen een mening hebben. Velen voelen dan ook nog eens de drang om die mening met de hele wereld te delen, bijvoorbeeld via hun eigen blog. Eerlijk? Ik voel niet altijd de behoefte om over alles en nog wat een mening te hebben, laat staan dat ik dan nog eens de meningen van al die andere mensen zou moeten lezen. Volgens Sullivan leunt de blog nog het dichtste aan bij het genre van het dagboek. Op een blog gaat het al gauw over jezelf, bekent Sullivan. Er komen al vlug persoonlijke zaken op te staan. Laat ik nu over het algemeen niet echt geïnteresseerd zijn in het dagboek van de gemiddelde blogger. En zij van wie ik het wel zou willen lezen, wel, die posten het meestal niet online.

Gelukkig dus dat ook de vrijheid van de lezer groot is op het wereldwijde web. Bij een boek of tijdschrift kan het zijn dat je je de aankoop serieus beklaagt, maar op het internet kan je eenvoudig wegklikken als je iets niet wil lezen. Of je kan als lezer, moest je daar zin in hebben, nog altijd een vlammende reactie posten, of een e-mail sturen naar de schrijver.

Tip voor Advocaat

Na een hoopvolle prestatie thuis tegen Turkije enkele weken geleden, lieten onze Rode Duivels het een paar dagen later onmiddellijk terug afweten in Estland. Ook Dick Advocaat bleek geen mirakelman te zijn. Vele voetballiefhebbers waren er nochtans van overtuigd dat hij voor een kentering zou kunnen zorgen. Blijkbaar heeft Advocaat meer tijd nodig om de ploeg naar zijn hand te zetten. Of had hij het tijdens de wedstrijd in Estland anders moeten aanpakken?

Bezorgd als wij zijn over onze Rode Duivels, gingen we over de grens kijken hoe coaches het daar doen. In Oostenrijk stootten we op een interessant voorbeeld, weliswaar met een handbalcoach in de hoofdrol.

Tijdens een Europese vrouwenhandbalwedstrijd tussen het Oostenrijkse Niederösterreich en het Franse Metz zorgde de coach van de Oostenrijkers, Gunnar Prokop, voor opschudding. In de slotseconden, bij een gelijke stand, startte Metz nog een laatste tegenaanval op. Prokop vond er niets beter op dan in het veld te stappen en de speelster onderuit te lopen.


Die grijns op zijn gezicht gezien?
Een rode kaart voor de coach was het gevolg, maar ondertussen was hij wel in zijn opzet geslaagd. De wedstrijd was afgelopen en zijn team had niet verloren.

Een paar dagen later kwam Prokop tot inkeer en nam hij ontslag. Onder zijn leiding wonnen de dames van Niederösterreich maar liefst acht Champions League-titels.

Gezien Dick Advocaat?

(Bron: Sporza.be en AD.nl)

maandag 2 november 2009

Holland - België

Wanneer straks, ooit, misschien, het Verdrag van Lissabon goedgekeurd wordt, komt er voor het eerst in de geschiedenis een President van Europa. De afgelopen weken werden al de meest uiteenlopende namen van Europese premiers of ex-premiers genoemd om de prestigieuze functie op zich te nemen. De Luxemburger Juncker en de Britse Tony Blair gaven openlijk toe dat ze de titel wel zagen zitten. Hoewel die laatste weinig kans lijkt te maken: iets te nadrukkelijk gesolliciteerd en niet bepaald afkomstig uit een Europa - minnend land.

Naast Juncker worden in alle subtiliteit nog twee namen naar voor geschoven: de Nederlandse premier Jan Peter Balkenende en Herman Van Rompuy. Twee premiers die allebei zelf zeggen dat ze geen kandidaat zijn. Een goeie zet, want wie zichzelf nadrukkelijk kandidaat stelt, maakt meestal geen schijn van kans. Geen kandidaat, wel kanshebber, titelt De Standaard.

Het wordt dus een ouderwetse Holland – België. Wie het haalt is moeilijk te zeggen voorlopig. Eigenlijk lijken de twee best wel op elkaar. Allebei serieuze mensen, of stijve harken voor wie het wil. Niet op uitspattingen of straffe uitspraken te betrappen; rustige standvastigheid zeg maar. Tot voor kort hadden de twee zich in hun onderlinge strijd beperkt tot het om ter hardst ontkennen van hun kandidatuur.

Maar Balkenende schakelde onlangs een versnelling hoger. In het Nederlandse tv-programma Pauw en Witteman (30 oktober) werd een filmpje getoond van een hossende premier. Bij een optreden van Frans Bauer op een feestje in Rotterdam, nodigde de schlagerzanger de eerste man van het land uit op het podium. Balkenende sloot zich aan bij de polonaise en trok nietsvermoedende toeschouwers het podium op.



Mijn indruk? Een stijve hark blijft een hark, ook al host hij voortaan naar elke Europese top in polonaise. Het filmpje is intussen een ware hit op youtube en gaat zo Europa rond. Balkenende, de ware president van Europa?

Dan doet onze premier beter. In eigen land was hij al gekend voor zijn dichtkunsten, maar vorige donderdag liet de eerste minister ook een haiku op Europa los. Aanleiding was de voorstelling van het logo van het trio-voorzitterschap (België, Spanje en Hongarije) van de EU.

Drie golven
rollen samen de haven binnen
het trio is thuis

Stijlvoller, niet?